Vervoer

Ook dit jaar is het aantal uitspraken over vervoerszaken beperkt (3). De vraagstukken en de uitspraken in deze zaken zijn principieel van aard en van belang voor de hele NMa. Zo werd in hoger beroep ook door het CBb  CBbHet College van Beroep voor het bedrijfsleven is een bestuursrechtelijk college dat oordeelt over geschillen op het terrein van het sociaal-economisch bestuursrecht, waaronder het mededingingsrecht.  geen overtreding van ProRail  ProRailBeheerder van het hoofdspoorweginfrastructuur (het gemengde net).  vastgesteld in de procedure voor de jaarlijkse (2007) verdeling van spoorweginfrastructuurcapaciteit (zaak Connexxion). Het CBb toetste uitgebreid aan het discriminatieverbod en met name aan het onderdeel objectieve rechtvaardiging. De NMa moet alert zijn op het bestaan van een objectieve rechtvaardiging en dient bij een beroep op deze uitzondering het ontbreken daarvan aan te tonen. De eventuele objectieve rechtvaardiging wordt door het College in twee stappen onderzocht: principieel (gerelateerd aan de norm) en feitelijk.

Naast deze sanctieprocedure werden in 2008 door de NMa nog drie overtredingen door netbeheerder ProRail vastgesteld met betrekking tot diverse onderdelen van de capaciteitsverdelingsprocedure voor het jaar 2007. De rechtbank liet deze overtredingen in 2010 in stand, maar verlaagde de boetes. In de zaak ProRail (verdeling onderhoudscapaciteit) ging de NMa tegen een van die substantiële boeteverlagingen in hoger beroep. Het CBb liet echter de door de rechtbank verlaagde boete in stand. Het College kijkt bij de evenredigheid van de boete met name kritisch naar de verwijtbaarheid en de omstandigheden waaronder de overtreding is gepleegd en de gevolgen voor betrokken partijen. De boetematiging die de NMa had toegepast vanwege verminderde ernst en beperkte schadelijke gevolgen leidde nog steeds tot een in de ogen van de rechter te hoge boete. Uiteindelijk bleven drie van de vier overtredingen voor de rechter in stand.

Diverse kostenposten die Schiphol claimde te mogen verwerken in haar luchtvaarttarieven dienden voor rekening van Schiphol zelf te blijven. Dit is gebleken in de zaak Tarieven Schiphol 2009. Onder meer de aanleg van een geluidswal en de werving van medewerkers ten behoeve van bagage-afhandelaars betroffen geen luchtvaartactiviteiten. De kosten daarvoor mogen niet in de luchtvaarttarieven worden opgenomen.

  • Voeg toe aan mijn selectie
    • Dit artikel
    • Dit hoofdstuk (32)
  • Print
    • Dit artikel
    • Dit hoofdstuk (32)
  • Deel
    • LinkedIn